We zijn de Mini Cabrio gaan ophalen en hebben het nog exact 1 dag droog kunnen houden doorheen onze hele testperiode. Sindsdien zijn rivieren buiten hun oevers getreden en kelders ondergelopen. De Vlaamse moesson regeerde het binnenlandse nieuws, het einde leek nabij. Om maar te zeggen dat we dus niet veel van open rijden hebben kunnen genieten… maar de waterdichtheid van de kap, dat zit alvast helemaal snor!

De Mini Cooper Cabrio – en eigenlijk elke Mini – is een feel-good kar. Alles aan deze wagen ademt fun en tegelijk ook kwaliteit. Het is het soort wagen die je op een zonnige dag al shoppend op de avenues wil volladen met cadeaus of waarmee je wil gaan picknicken op een Burberry dekentje in het park. Waarmee je eropuit wil trekken met je vriendinnen om in de file luidkeels ballades mee te zingen met de warme wind door je haar.

Ik zeg vriendinnen omdat ik me niet van de indruk kan ontdoen dat dit een wagen is die vooral een vrouwelijk publiek zal aanspreken. Zowel de zachte vormen van het koetswerk als de ronde retro-elementen in het interieur geven deze wagen iets onmiskenbaar vrouwelijks. Maar ik zou eigenlijk de John Cooper Works versie van deze cabrio (231 pk) moeten testen om daar helemaal zeker van te kunnen zijn, da’s de Mini met de dikte ballen voor de testosteronhaantjes onder ons die ook graag open willen knallen.

IMG_0658

Hoe mini is de Mini eigenlijk?

De nieuwe Mini Cabrio is leverbaar sinds maart 2016. Deze derde generatie is weer een beetje langer (9,8 cm) en breder (4,4cm) geworden dan zijn voorganger en daarmee is deze nieuwste Mini dus ook weer net iets minder mini te noemen.

De kofferruimte is zelfs met 25% gegroeid ten opzichte van zijn voorganger. Dit biedt de mogelijkheid om nu 2 bakjes van de Colruyt naast elkaar in de koffer te stockeren. Akkoord da’s geen zee van ruimte, maar 2 is beter dan 1. De laadbodem zit vrij laag achter de bumper waardoor de toegang soms wat krap is. Daarom zitten er 2 ‘Easy Access’ hendels in de koffer waarmee je de kap achteraan een stuk omhoog kan tillen. Je kan ook de hoedenplank een standje hoger zetten om grotere volumes te laden. Enige compromis is dan dat je niet meer cabrio kan rijden, bummer. De achterzetels kan je dan wel weer platleggen vanuit de koffer, score!

 

En binnenin alles peis en vree?

Het interieur geeft meteen een zeer degelijke indruk. De zetels, het stuurwiel en de deurpanelen zijn met mooi leder overtrokken. De achterkant van de voorste kopsteunen zijn zelfs gestikt in Union Jack patroon. De interieurverlichting is zeer uitgekiend en je kan de sfeerlichten zowat alle kleuren van de regenboog geven via een schakelaar boven de achteruitkijkspiegel.

De Mini lifestyle gaat wel gepaard met een stijle leercurve. Dit is geen wagen die je meteen tot in de puntjes begrijpt. Het interieur doet wat denken aan een retro vliegtuigcockpit. Van de deuren tot het plafond, van op het stuurwiel tot in de middenconsole en tussen de voorste zetels, overal zitten knopjes en schakelaars met niet altijd even duidelijke functies. Ook de centrale mediaconsole vraagt wel enig studiewerk. De menu’s gaan breed en diep. Lees de handleiding en je gaat veel meer uit deze wagen halen.

 

Dat de snelheidsmeter vanaf nu niet meer centraal, maar gewoon voor je neus in het dashboard zit (vergezeld van toerenteller en benzinemeter) is een duidelijke verbetering tov vorige versies. Op de plaats waar vroeger die snelheidsmeter zat, zit nu een multifunctioneel display dat je kan bedienen met de console tussen de voorste zetels. De LED ring rond het display verandert van kleur naargelang het gekozen menu en rijmodus.

Ik was ook meteen fan van de uitklapbare head up display. De data wordt wel op een plaatje geprojecteerd ipv rechtstreeks op de voorruit en dat plaatje mocht misschien een tikkie minder mini zijn, maar het went heel snel om rij- en navigatie-aanwijzingen voor je op de weg geprojecteerd te zien.

 

Groen en toch dynamisch?

Ik was aangenaam verrast door het verbruik. Deze bekroonde driecilinder diesel slaagt erin een superefficient verbruik te koppelen aan pittig rijplezier. We hebben er na het ophalen meteen 100km snelweg mee gereden en het benzinepeil op de meter is niet gezakt, niet 1 streepje. Ik ben zelfs even ongerust geweest omdat ik dacht dat de benzinemeter van onze testwagen stuk was en we dus ieder moment aan de kant zouden moeten met een lege tank. Gelukkig loos alarm.

Deze Mini Diesel is zeker geen straatraket, voor de lancering van 0 naar 100 moet je een kleine 10 seconden geduld hebben. Maar het voelt nooit log aan in dagdagelijks gebruik, ik denk omdat het stevige koppel in de lage toeren maakt dat hernemingen in stadsverkeer steeds zeer vlotjes gaan. Op de autosnelweg wil hij ook zonder problemen naar de 150 en beyond (voor als je in Duitsland zou willen rijden of zo).

Hou je je echter netjes aan de Belgische snelheidslimiet, zal je beloond worden met een veel lager verbruik. Deze raad kreeg ik zomaar gratis mee op het scherm van de middenconsole toen ik in ‘green modus’ aan het rondkarren was. Dit is één van de drie beschikbare rijprofielen, naast ‘sport’ en ‘normaal’. Zoals de naam al doet vermoeden staat dan alles in het teken van het ecodriven.

 

Altijd open rijden?

Dankzij de snelle zetelverwarming, bijgestaan door de automatisch geoptimaliseerde cabineverwarming en het discrete windscherm, kan het dak er in principe al héél snel af. Om mensen aan te sporen zoveel mogelijk dakloos rond te rijden, heeft Mini een ‘Always Open’ timer voorzien. Deze registreert hoelang je met de kap open rondgereden hebt, dit zowel per rit als voor het totaal aantal gereden uren.

Zonder het windscherm te monteren, kreeg ik met mijn meter tachtig vanaf een bepaalde snelheid wel een pak wind in de nek gedraaid. Op de autosnelweg was lang open rijden daarom ook niet echt een optie. En met het windscherm opgesteld hou je natuurlijk ook maar 2 van de 4 zitplaatsen over. Kleinere testpiloten hadden dan weer totaal geen last van wind op kop.

De kap kan er al rijdend af (en op) tot 30km / uur. De hele metamorfose duurt wel de volle 18 seconden. Even goed je tijd inschatten dus voor je start, wil je aan het rode licht niet voor lul staan en al het achterliggende verkeer ophouden op de A12 (been there, done that).

Het voorste stuk van de kap kan trouwens ook apart open en fungeert dan als een gewoon open dakje. Dat kan wel bij hogere rijsnelheden geopend worden. Met de kap naar beneden is het zicht naar achter toe vrij beperkt, maar de optionele achteruitrijcamera van onze testwagen loste dit euvel meteen netjes op.

Door het slechte weer heb ik meestal met de kap en ramen dicht rondgecruised en dan viel het me op hoe weinig wind- en rolgeluid er kan binnensijpelen in de cabine. Zelfs op de snelweg vergeet je dan soms dat je met een stoffen dak aan het rondrijden bent. De kaderloze ruiten die als 1 blok naar beneden kunnen, geven de Mini een zeer ruim coupégevoel als het nog net te koud of nat is om met het dak open te rijden.

De vaste rolbeugels achter de achterzetels hebben in deze nieuwste versie plaats gemaakt voor volledig in de carrosserie verborgen roll-over bars, die automatisch te hulp schieten, mocht je toch overkop willen gaan. Dit geeft de Mini met het dak open meteen een veel cleanere look dan zijn voorgangers.

 

Cabrio! En ook Diesel?

Maar waarom zou je nu in godsnaam kiezen voor een cabrio diesel? Inderdaad, 85% van de Mini Cabrio’s zijn benzineslikkers. 15% kiest dus maar voor de Diesel. Begrijpelijk, want een benzinemotor klinkt gewoon leuker als je met het dak eraf rondrijdt en Diesel is niet meer zoveel goedkoper dan benzine. In België is er echter een fijne fiscale regeling wat maakt dat deze wagen in Dieselversie heel interessante fleetvoorwaarden kent. Vraag dus zeker eens wat meer info aan je fleetmanager als je op het punt staat een bedrijfswagen te kiezen, want misschien kan je wel gewoon voor deze Mini Cabrio gaan!

Verdict?

Toegegeven, ik was nooit echt fan van de nieuwe Mini. Voor mij voelde het hele marketinggedoe rond het merk altijd al wat opgeklopt en fake aan, in de spotlights helemaal British, maar achter de schermen volledig BMW. Een Duitser met een Union Jack op z’n kop?

Maar gaandeweg ben ik hem toch sympathieker gaan vinden. De Mini koppelt een goede prijs-kwaliteitsverhouding en een dynamisch rijgedrag aan een zuinig verbruik en een feel-good attitude, what’s not to like? Achter de mega marketingmachine schuilt dus ook gewoon een heel leuk vierzittertje!

Mini Cooper D Cabrio

Motor: 1.5  turbo – 3 cilinder
Vermogen: 116 pk
Koppel:  270 Nm
CO2: 105 g / km
0-100km/u: 9,9 sec
Topsnelheid:  195 km/u
Aandrijving: Voorwiel
Versnellingsbak: Manueel
Kleur: Melting Silver
Testafstand: 529 km
Testverbruik: 5,6 liter/100km

Prijs vanaf € 26,280

 

Mini Cooper D Cabrio: Dakloos door de moesson
Een fijne, betaalbare bedrijfswagen zonder dak? Jawel, dat kan!
Motor/power70%
Wegligging68%
Eco87%
Gadgets76%
Comfort85%
Coolfactor84%
PLUS
  • zuinig maar sportief
  • price winning engine (2015)
MIN
  • Diesel Cabrios klinken minder goed
78%Totale score

Geef een reactie